Willem-jan verlinden

De Zussen Van Gogh

Nu ook als luisterboek!

Nu ook in luisterboek!

Over dit boek

Dit is het unieke levensverhaal van de drie zussen Van Gogh tegen de achtergrond van een roerige periode in de geschiedenis, gebaseerd op de door hen zelf geschreven brieven en andere (familie-) documenten. Het boek bevat een groot aantal brieven en afbeeldingen, waarvan een deel niet eerder in boekvorm te zien was.

Het gezin Van Gogh telde zes kinderen, van wie Vincent en Theo al vroeg een brede waardering genoten. Maar hoe verging het de andere kinderen uit het gezin? In De zussen Van Gogh haalt auteur en kunsthistoricus Willem-Jan Verlinden de drie dochters van de familie Van Gogh uit de schaduw van hun broers en schetst, vaak in hun eigen woorden, een fascinerend beeld van de (jonge) dames en de turbulente ontwikkelingen tijdens de tweede helft van de negentiende eeuw en het fin de siècle.

Het verhaal van Anna, Lies en Wil is nooit eerder verteld. Ze groeiden op in een tijd dat er voor het eerst lange afstanden met de trein konden worden afgelegd, ‘impressionist’ nog een spotnaam was, de vrouwenbeweging net in de kinderschoenen stond en dromers van allerlei politieke gezindten op de barricades stonden om de revolutie af te kondigen. Willem-Jan Verlinden brengt de aspiraties en dromen van de zussen, maar ook hun teleurstellingen en verdriet prachtig in beeld. De zussen Van Gogh geeft op basis van hun onderlinge, niet eerder bestudeerde correspondentie een unieke inkijk in de bewogen levens van de zussen.

Anna van Gogh, Leeuwarden c. 1872-73, H.A.K. Ringler, Van Gogh Museum Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

De Zussen van Gogh

met Willem-Jan Verlinden | Fragment hoofdstuk 11

Synopsis

Weinig mensen weten dat Vincent van Gogh drie zussen had: Anna Cornelia, Elisabeth Hubertina (Lies) en Willemina Jacoba (Wil of Willemien). In de literatuur over Vincent komen ze sporadisch voor en tot nu toe is er zeer weinig over hen bekend, mede omdat Vincent hen zelden of helemaal niet geschilderd heeft. In het voorjaar van 2016 verscheen het boek van Willem-Jan Verlinden (80.000 woorden, 53 zwart/wit illustraties, 16 kleur) over de zussen Van Gogh: drie domineesdochters met zeer opmerkelijke levens tegen de achtergrond van een roerige tijd in de Europese geschiedenis.

Kunsthistoricus Verlinden kwam op het idee voor dit boek tijdens het schrijven van zijn eerste boek over Van Goghs jaren in Londen, Hoe ik van Londen houd ( Athenaeum, 2013, samen met Kristine Groenhart), waarbij hij stuitte op de drie Van Gogh zussen. Twee van hen kwamen in dezelfde tijd als Vincent naar Engeland. Verlindens nieuwsgierigheid werd gewekt en er kwamen steeds meer bronnen aan het licht: familiekronieken van zowel vaders als moeders kant, boeken van Lies over haar oudste broer en hun jeugd, schoolrapporten, medische dossiers, documenten van Van Gogh-nazaten, en brieven vol herinneringen, belevingen en beschrijvingen van personen en omstandigheden. Maar ook knipsels en vooral ook honderden brieven van de zussen, aan elkaar, hun ouders, familie en hun beste vriendinnen. Uit die documenten en brieven komt een duidelijk beeld naar voren dat de moeite waard is om naar buiten te brengen. Het is het beeld van de hele familie Van Gogh tussen 1849 en 1941 in al hun verschillende omstandigheden, binnen de eigen kring van gezin en familie én de wereld die hen omgeeft, verteld vanuit het perspectief van de drie dochters – de jonge juffrouwen op zoek naar hun eigen plaats in de maatschappij.
Vincent van Gogh, De oude toren van Nuenen, 1884, (fragment) Kröller-Müller Museum, Oterlo.
Vincent van Gogh, ‘Pietà (naar Delacroix), 1889, Van Gogh Museum Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Het gaat hier om een protestants domineesgezin in de overwegend katholieke provincie Noord-Brabant gedurende de tweede helft van de negentiende eeuw. Zij woonde achtereenvolgens in Zundert, Helvoirt, Etten, Nuenen en Breda, maar uiteindelijk verlaat de familie de katholieke dorpen in het zuiden en waaiert uit naar andere delen van Nederland en zelfs daarbuiten. Dit alles in een tijd waarin er op maatschappelijk, economisch en artistiek vlak veel veranderd. Op deze manier geeft het boek ook een indruk van de veranderende rol van vrouwen in de negentiende en begin twintigste eeuw, van de modernisering en industrialisatie die toen aan de gang was, het veranderde onderwijs, het feminisme en het fin de siècle. Ook kunst en literatuur zijn belangrijk, voor alle kinderen Van Gogh, maar met name voor Vincent en Willemien. De dood van de oudste broer en diens snel groeiende faam, die zich uitte in artikelen, tentoonstellingen en de stijging van de waardering voor zijn werk, vormen ook een belangrijke factor in de levens van de zussen.

Vooral krijgen we in dit boek echter een goed beeld van de persoonlijke levens van de drie zussen. De oudste, Anna, was als jonge vrouw hulponderwijzeres in Engeland, trouwde goed en was zorgzaam, huishoudelijk en vroom – maar uiteindelijk was zij ook de reden dat Vincent na een onderling conflict uit Nederland vertrok en nooit meer terugkwam. Zij ging met haar echtgenoot in Leiderdorp, Leiden, Dieren en Rheden wonen en ligt daar ook begraven.

De tweede zus, Lies, ging naar kostschool in Leeuwarden, Tiel en Dordrecht voordat zij ging werken in Soesterberg. Zij kreeg een bastaarddochter in het Franse Normandië, ondervond zware omstandigheden in haar huwelijk en met de geestesgesteldheid van haar man. Zij had literaire aspiraties en eigende zich haar beroemde broer in latere jaren steeds meer toe. De laatste jaren van haar leven moest zij veel schilderijen van Vincent verkopen om in haar levensonderhoud te voorzien en zwierf zij van kosthuis naar pension in Soest en Baarn, waar zij ook begraven ligt.

Lies van Gogh, Amersfoort, J.W. Wentzel, Van Gogh Museum Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Willemien, de derde zus, was lang zoekende en korte tijd gouvernante, verpleegster en godsdienstlerares in achtereenvolgens Weesp, Haarlem, Leiden, Nijmegen en Den Haag. Later werd ze actief in de eerste feministische golf in Den Haag, en in Parijs bezocht ze met middelste broer Theo het atelier van Edgar Degas. Willemien onderhield trouwe vriendschappen met haar vriendinnen, zoals schoonzus Jo Bonger, hartsvriendin Margaretha Meijboom of Line Kruysse. Zij zou uiteindelijk de tweede helft van haar leven doorbrengen in een inrichting in Ermelo, waar zij ook stierf en begraven ligt. Haar verblijf aldaar werd door de andere zussen voor een deel bekostigd uit de verkoop van Vincents schilderijen, wiens werk tijdens hun levens snel in waarde steeg, mede dankzij de inzet van schoonzus Jo Bonger.

Willemien van Gogh, Dordrecht 1879, J.G. Hameter, Van Gogh Museum Amsterdam (Vincent van Gogh Stichting)

Verkrijgbaar in 11 talen!

Waar te koop

Wist u dat dit boek in vele landen en in tot nu toe 11 talen verkrijgbaar is? Kijk eens of het ook bij jou in de buurt is?